Rakustoken is van oorsprong een Japanse theeceremonie. De bisquit gebakken kommetjes werden na geglazuurd te zijn in een raku oven in ongeveer een uur tijd gebakken tot een temperatuur van zo'n 1.000 ºC. Nadat de kommen wat afgekoeld waren, werden ze uitgereikt aan de gasten en kon er thee uit gedronken worden.  De bij ons bekende vorm van raku stoken is afkomstig uit Amerika. Die ontdekten dat wanneer je de werkstukken uit de hete raku oven haalt, het glazuur door de enorme temperatuurschok van 1.000 ºC - 20 ºC gaat barsten. Indien je nu deze stukken in een ton plaatst met bijvoorbeeld zaagsel, dan vat het zaagsel door de hitte direkt vlam. Laat het even goed branden, plaats de deksel op de ton en een enorme rookontwikkeling zal zich in de ton ontwikkelen.

Nu gebeuren er twee dingen:
- de rook dringt in de haarscheuren van het glazuur en vormt hierdoor de zgn. craquelé.
- Verder zullen alle delen die niet geglazuurd zijn zwart geblakerd worden
- De atmosfeer in de ton zal veranderen van een oxyderende in een reducerende (= zuurstofarm) waardoor de glazuren die koper bevatten van groen tot roodkoper kunnen veranderen.

  Dit hele proces is weinig te beïnvloeden. Veel is afhankelijk van allerlei faktoren, zoals snelheid opstoken van de raku oven, de eindtemperatuur, hoe snel iets uit de oven komt en het in de zaagselton gaat, de hoeveelheid vuur in de ton, etc. etc. Maar juist dit onvoorspelbare maakt rakustoken zo bijzonder. Het is en blijft een verrassing hoe een en ander uit de zaagselton komt en vooral hoe het er uit ziet als alle roet er van af gepoetst is.

Momenteel ben ik wat aan het experimenteren met barrelfiring. Een techniek die je kunt vergelijken met een pitfire.

Voor een barrelfire moet een werkstuk zeer goed gepolijst zijn om glans te krijgen. Voor het bisquit bakken kun je het werk in smeren met Terra Sigillata, een zeer dunne kleislib. Door het gebruik van Terra Sigillata kun je het wekstuk een andere kleur geven, afhankelijk van de soort klei die gebruikt is voor de Terra Sigillata, maar je kunt ook oydes of kleurpigmenten toevoegen.

Na de bisquitbrand wordt het werk in een ton geplaatst met in de wanden wat gaten voor de zuurstoftoevoer. Op de bodem komt een laag zaagsel, hierover strooi je zeezout en ijzeroxide, hierop plaats je het werk en strooi je er op en er om heen wat kopercarbonaat.(Uiteraard zijn allerlei andere combinaties mogelijk.)  Hierop komt brandbaar materiaal zoals stro en bovenop hout e.d. Het geheel moet volledig bedekt zijn. Hierna steek je het geheel aan. 

Als er voldoende vlammen zijn en het vuur enige tijd brandt, wordt er een deksel op de ton geplaatst. Nu zal alles enorm gaan roken.
Dit roken kan 2 - 10 uur duren, afhankelijk van het brandbare materiaal en uiteraard de grote van de ton.De temperatuur die in de ton bereikt kan worden varieert van 200 - 600 graden.
De rooktijd, het brandbare materiaal, de temperatuur, de wind, het weer heeft allemaal invloed op het eindresultaat. Nadat de werkstukken uit de ton zijn gehaald en het roet er van af is gepoetst kun je er Marpol op smeren waardoor meer glans ontstaat en de kleuren meer gaan leven.

Een andere stooktechniek die ik gebruik is de Rookstook.
Voor een rookstook geldt, net als voor alle andere stoken waar geen glazuur wordt gebruikt, dat het werk zeer goed gepolijst moet zijn. Na het polijsten kun je een Terra Sigillata aanbrengen.
Hierdoor kun je het werkstuk een andere kleur geven, want de kleislib, een zeer dunne, zuivere slib, kan rood zijn, zalmkleurig, maar ook kun je zelf nog allerlei kleuren/oxydes etc. toevoegen, om de kleur van je werkstuk te beïnvloeden.

Nadat het werk goed droog is, wordt het bisquit gebakken. Nu kan het in een ton met brandbaar materiaal gestookt worden. Je plaatst het werkstuk op het zaagsel en voegt nog wat zout en oxydes toe. Over het werk gooi je ook zaagsel en wat krantensnippers, je sprnkelt er lampenolie overheen en steekt het aan. Nu zullen de rook en het vuur hun werk doen. Na 20 - 30 minuten kun je de werkstukken uit de ton halen, laten afkoelen en schoonmaken. Deze methode van stoken kan heel lichte kleuren geven, maar ook heel donkere. Ook kunnen er kleurschakeringen voorkomen van rose-achtig tot blauw-achtig veroorzaakt door het zout of de oxydes, of mogelijk door bladeren die je hebt toegevoegd.